Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
28-11-2018

Het recht op wildernis

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

Nina Tesselaar

Een ijskap in Groenland, temperatuur -20, en drie kilometer ijs onder je voeten. Op dat soort plekken realiseert filosoof, schrijver en directeur van KWF Kankerbestrijding Johan van de Gronden zich dat iedereen recht heeft op wildernis. Het recht is zelfs onmisbaar voor onze morele oriëntatie. 

‘In 1757 schreef Edmund Burke het essay A Philosophical Inquiry into the Origin of our Ideas of the Sublime and Beautiful, waarin hij een onderscheid maakt tussen het schone en het sublieme. Dit onderscheid pas ik toe op het verschil tussen de natuur en de wildernis. Bij het schone kun je denken aan een cultuurlandschap, een beekje, of een bloemenweide. Maar het sublieme is overweldigend en duizelingwekkend, zoals de wildernis. John Muir, die ervoor zorgde dat Yosemite een nationaal park werd, sprak in de negentiende eeuw al over de wildernis als “kathedralen van de natuur”. We hebben kathedralen gebouwd om een subliem gevoel te ervaren, terwijl we dat ook in de wildernis kunnen vinden.’

‘Een ervaring van het sublieme bestaat uit nietigheid, bewondering en angst. In de wildernis realiseren we ons dat we niet het doel op aarde zijn, maar slechts een raar en zeer recent incident in de geschiedenis van het leven. Door een dramatisch landschap, zoals boven op de top van een berg, raken we in contact met wat ik noem “de diepe tijd”. Die tijd ervaren we in ons dagelijks leven niet, waarin alles door de mens is gemaakt en om de mens draait. Maar de diepe tijd strekt zich al honderdduizenden of miljoenen jaren uit en trekt zich niets van jou aan. Dat boezemt ook angst in: één verkeerde misstap in de wildernis en het kan fout aflopen.’

‘De filosoof Immanuel Kant, die ik zeer bewonder, verbond het sublieme gevoel van verlorenheid in de natuur aan moraliteit. Daar ben ik het mee eens: de wildernis is essentieel voor de morele oriëntatie van de mens. Door ons te realiseren hoe nietig we zijn, voelen we ons meer verbonden met de gemeenschap van leven om ons heen en betere keuzes maken voor onszelf en de natuur. Mensen die opgroeien in een technotoop van comfort zullen denken dat de gehele natuur in hun dienst staat en dat alles in hem of haar cumuleert. Een primaire ervaring in de natuur toont je dat de wereld niet om de mensheid draait.’

‘Daarom is het zo belangrijk dat we de wildernis beschermen. Tegelijkertijd staat het recht op wildernis als mensenrecht op gespannen voet met mijn punt dat de wildernis juist niet ten dienst staat van de mens. Een mensenrecht is een antropocentrisch begrip, alsof wij kroon op de schepping ergens recht op hebben en miljarden andere wezens op aarde niet.’

‘In dat opzicht kunnen we een voorbeeld nemen aan de Amerikaanse Wilderness Act uit 1964, waar ik zeer jaloers op ben: “A wilderness, in contrast with those areas where man and his own works dominate the landscape, is hereby recognized as an area where the earth and community of life are untrammeled by man, where man himself is a visitor who does not remain.” Dit is geen droge wetstekst, maar poëzie. Ik sluit me aan bij de gedachte die eraan ten grondslag ligt: de mens is slechts te gast op deze aarde. Maar we hoeven niet nog meer kathedralen te bouwen om ons dat te realiseren.’
 

Welkom op filosofie.nl!

Speciaal voor nieuwe bezoekers selecteerden wij negen inspirerende artikelen. Lees waarom onderzoek naar geluk niet deugt, zes soorten vervreemding op de werkvloer, hoe Socrates de opkomst van Trump al voorspelde, en meer...

Lees meer
Ik lees graag later

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, dan sturen wij het kennismakingsdossier naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.