Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
15-08-2018

Detective Descartes

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

Hans Dooremalen

Oktober 1634. Descartes woont tijdelijk in Amsterdam. Als er een lijk wordt gevonden naast de Westerkerk zet de Franse filosoof zijn befaamde methode in om de moord op te lossen. 

Het was nog donker toen koster Albert Hermans de Westerkerk binnenging. Hij haalde een doek en een pot bijenwas uit zijn tas en liep naar de stoelen in het midden van de kerk. Hij was nog maar net begonnen om de eerste in de rij met was in te smeren, toen zijn oog op de deur naar het kerkhof viel. Die stond open. Hij legde de doek op de rieten zitting van de stoel en liep erheen om hem te sluiten. Vlak voordat hij de deur dichtdeed, zag hij vlak bij de zuidmuur een lichte schittering. Lag daar iets in de sneeuw? Hermans ging op onderzoek uit. Halverwege het kerkhof glinsterde een rapier in het maanlicht. Een naakte man had de greep ervan omklemd. Hij lag op zijn rug naast een levensgroot symbool in de sneeuw: een kruis in een cirkel in een vierkant. De koster stopte even. Was dit het werk van satanisten? Aarzelend liep hij verder naar de man. Voorzichtig voelde hij aan diens schouder – die was koud. Zijn lippen waren blauw en zijn wimpers waren bevroren. Hier moest hij direct de schout bij gaan halen.

De Westerkerk, waarachter dit kerkhof lag, was nog niet voltooid. Aan de toren werd nog gebouwd, maar vanwege de vroeg ingezette kou lag het werk even stil. Ik beklom de steiger. Een aantal mannen was bezig met het onderzoek en een van hen herkende ik inderdaad als de schout. De cirkel in de sneeuw was vanaf de steiger goed te zien en de speurders waren zo verstandig geweest om die intact te laten. Een van de mannen was bezig om een schets te maken van de figuur in de sneeuw die naast een cirkel ook een aantal rechte lijnen bevatte.     

In tegenstelling tot wat de onderschout aan de poort gezegd had, lag de man niet in de cirkel, maar aan de rand ervan. Vanuit mijn perspectief lag hij achter de cirkel. De lijnen vormden een kruis in een vierkant en de cirkel was binnen het vierkant getekend. De man was niet door sneeuw bedekt. Hij had waarschijnlijk het kerkhof betreden nadat de sneeuw gevallen was. Ik nam de situatie in me op en ging direct naar huis om een schets te maken, zodat ik die aan monsieur Descartes kon tonen.


 

Bloed

Mijn meester stond in de tuin sneeuwvlokken te bestuderen door een lens. Hij was een kleine man van achtendertig jaren oud met een groot hoofd en een grote neus, donkere ogen, een haardos die ooit zwart was geweest en waarin nu een paar grijze haren zichtbaar waren. Zijn snorretje en puntbaard waren nog wel helemaal zwart. Hij droeg altijd broeken, hemden en kousen van zijde, die hij kocht in De Rechtvaardige Trou in de Warmoesstraat. Bij koud weer en als hij uitging – zoals nu – droeg hij daaroverheen wollen kleding zoals zijn zwarte mantel en hoed van kastoor.  

Ik overhandigde hem mijn schets en vertelde hem dat ik het kerkhof niet op was geweest. Hij bekeek mijn tekening aandachtig.     

‘Begrijp ik het goed dat de man tussen deze figuur en de zuidmuur lag?’     

‘Ja, op zijn rug en hij had een rapier in zijn hand.’     

‘Kon je vanaf de steiger zien hoe de goede man gestorven was? Had hij bijvoorbeeld een wond of lag er bloed in de sneeuw?’      

Verbaasd realiseerde ik me nu pas dat ik geen bloed in de sneeuw had gezien. Een grote plas donker bloed zou enorm hebben afgestoken tegen de witte sneeuw. ‘Als er al bloed heeft gevloeid, ligt het onder het lichaam, of het was maar heel weinig. Vanaf de steiger gezien leek hij aan de voorkant geen wond te hebben. Maar hij zou natuurlijk best aan zijn rug verwond kunnen zijn.’     

‘Hoewel deze bijzondere situatie wijst op een niet-natuurlijke dood, lijkt het onwaarschijnlijk dat hij bijvoorbeeld in een duel gedood is,’ constateerde monsieur Descartes. ‘We hebben hier met niets minder dan een serieus mysterie van doen, mijn beste Clement. Een mooie gelegenheid om mijn methode te testen en eventueel te verbeteren.’ Hij boog zich weer voorover om de sneeuw te bestuderen. ‘Vraagt u morgenvroeg aan de schout of hij weet hoe de man om het leven is gekomen. Als de zaak nog niet is opgelost, kan ik me er desgewenst over buigen. Ik kan dan aantonen dat mijn methode niet alleen voor wetenschappelijke vraagstukken de oplossing zal leveren, maar ook voor mysteries van dit type. En wilt u ook zo goed zijn morgen een brief naar père Mersenne voor me te posten?’ vervolgde hij terwijl hij door zijn lens tuurde. ‘Ik denk dat hij mijn vermoeden kan bevestigen waarom de man naakt was.’   

Het was mij een raadsel waarom iemand in Parijs het antwoord zou kennen op de vraag waarom een dode man in Amsterdam geen kleren aan had. Maar ik had al geleerd dat monsieur Descartes weinig of niets prijsgaf van zijn denkproces totdat hij zeker was van zijn conclusies. Dat was een belangrijk onderdeel van zijn methode.

René Descartes over zijn methode:
De eerste regel was dat ik nooit iets voor waar zou aannemen waarvan ik niet zelf de waarheid op evidente wijze inzag, dat wil zeggen dat ik een overhaast of vooringenomen oordeel zorgvuldig zou vermijden, en mijn oordeel uitsluitend zou baseren op wat zich zó helder en zó welonderscheiden aan mijn geest zou voordoen dat ik er niet meer aan kon twijfelen.

Ten tweede zou ik elk te onderzoeken probleem eerst in zo veel stukken verdelen als mogelijk en voor een juiste oplossing noodzakelijk zou zijn.

Mijn derde stelregel was dat ik mijn gedachten volgens een bepaalde orde zou doen verlopen, dat wil zeggen dat ik zou beginnen met de meest eenvoudige dingen, die het makkelijkst te kennen zijn, en langzaamaan, als het ware stap voor stap, zou opstijgen tot de kennis van de meest ingewikkelde zaken, en zelfs een orde zou veronderstellen tussen de dingen die van nature niet op elkaar volgen.

Ten slotte zou ik voortdurend een zo volledig en zo systematisch overzicht maken dat ik zeker niets zou vergeten.

Dit is een fragment uit 'Descartes in Amsterdam' (Boom Filosofie). Verder lezen? Bestel het boek in onze webshop!

Welkom op filosofie.nl!

Speciaal voor nieuwe bezoekers selecteerden wij negen inspirerende artikelen. Lees waarom onderzoek naar geluk niet deugt, zes soorten vervreemding op de werkvloer, hoe Socrates de opkomst van Trump al voorspelde, en meer...

Lees meer
Ik lees graag later

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, dan sturen wij het kennismakingsdossier naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.