Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
28-03-2017

‘Laten we de aarde weer ontdekken als de bron van onze vitaliteit’

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

René Haerkens van den Brand

Emeritus hoogleraar filosofie en ethiek Henk Manschot trok in navolging van Nietzsche de Alpen in, op zoek naar antwoorden op hét vraagstuk van onze tijd: de klimaatproblematiek.

Als hij in 2004 het verzoek krijgt om tijdens een conferentie in China te spreken over leiderschap en duurzaamheid, staat Henk Manschot als aan de grond genageld. ‘Ze dachten dat een humanist daar als vanzelfsprekend wat van weet, maar ik wist niks’, vertelt hij openhartig. ‘Het was een confrontatie met mezelf. Hoewel je in de filosofie met fundamentele vragen bezig bent, ontdek je opeens dat je met de verkeerde vragen bezig bent. Ik ontdekte ineens hoe gigantisch en veelomvattend het vraagstuk van de klimaatproblematiek is.’ Manschot had een contrastervaring: een ervaring die je zo diep raakt in je bestaan dat je het leven niet langer zoals voorheen kunt voortzetten, zonder precies te weten hoe je dan wél verder moet.

Eenmaal terug in Nederland besluit Manschot om zich op slag te scholen en te omringen met mensen die hem verder kunnen helpen. ‘Het is echt een onderzoek geweest, een ontdekkingsreis. Wat ik zocht was een cultuurkritiek op de moderne tijd. Ik vroeg me af: is er een nieuw begin van een ander soort filosofie mogelijk? En heel geleidelijk kwam er toen een lijn naar voren bij de Duitse filosoof Friedrich Nietzsche. Net als hem ben ik toen de Alpen ingetrokken en gaan wandelen in de bergen. Dat was niet alleen een denkervaring, maar ook een leefervaring. Wandelend in de bergen wordt je hoofd langzamerhand leeg. Je verliest je eigen gesystematiseerde gedachtegang en je komt dichter bij wat je voelt en ziet. Ik maakte associaties die je achter de tafel niet maakt. Daar zit een merkwaardig soort andere vitaliteit in je gedachten.’

Bijzonder aan de filosofie die Manschot uitwerkt, is dat zij ons een nieuwe, positieve manier van leven aanreikt. Nu denken we vooral in negatieve zin over oplossingen voor de klimaatproblematiek: we moeten minder gebruikmaken van milieuvervuilend vervoer, ontbossing terugdringen, minder vlees eten – noem maar op. Met Nietzsche focust Manschot zich juist op ‘de grote gezondheid’: een streven waarin mensen en natuur elkaar versterken in hun vitaliteit en weerbaarheid.
 

Aldus sprak Zarathoestra

Manschot ontdekt dat Nietzsche een filosoof bij uitstek is voor wie contact met en behoud van de aarde van wezenlijk belang is. Zijn visie op de aarde en de manier van leven die daarbij past, tekent Nietzsche op in Aldus sprak Zarathoestra, een boek vol hymnen, gedichten en oproepen. Zarathoestra – een alter ego van Nietzsche – is een profeet wiens boodschap Manschot in één zin uitgesproken ziet: blijf de aarde trouw. Nietzsche uit kritiek op de moderne mens, die met de aarde nauwelijks meer een band heeft. Als wij onze gemoderniseerde levenswijze blijven voortzetten, wordt het klimatologische evenwicht op aarde, de voorwaarde voor alle organische leven, ernstig verstoord. ‘In de notie trouw blijven zit een fundamentele levenshouding. Wij zijn in wezen aardewezens: we moeten trouw blijven aan die identiteit, aan wie we in feite zijn. Nietzsche was op zoek naar een cultuur waarin niet langer vanuit de mens wordt gedacht, maar vanuit de aarde, en die de mens herdefinieert vanuit de aarde.’

In Aldus sprak Zarathoestra stelt Nietzsche de aarde voor als de bron van leven waarmee mensen zich weer moeten gaan verbinden. Enerzijds is zij de natuur om ons heen waarmee we met lijf en ziel verbonden zijn. Anderzijds verwijst ze naar een werkelijkheid die er nog niet is, en die bij elke stap die wij in haar richting zetten telkens nieuwe aspecten zal laten zien. ‘Nietzsche maakt de aarde tot de ‘grote zwijger’. De aarde is een niet ingevulde laatste horizon, die we steeds zelf opnieuw moeten invullen. Ons beeld van de aarde moet voortdurend kunnen veranderen, want de aarde is groter dan wij kunnen denken.’
 

De antropos en de bovenmens

De aarde schept een relatie waarin mensen stap voor stap ontdekken wat leven als mens betekent. Nietzsche omschrijft het mens-zijn dan ook als een ‘op weg gaan’ naar de aarde. In Nietzsches filosofie is er ook een horizon voor de mens: de ‘Bovenmens’ (Übermensch). Manschot ziet in de Bovenmens de mens die zich verbindt met de aarde, die zichzelf herkent én erkent als aardewezen. Om het pad naar de Bovenmens te bewandelen, legt Nietzsche de moderne mens twee uitdagingen voor. Eerst moet je de moed vinden om jezelf los te maken uit het keurslijf van de morele, religieuze en burgerlijke gedaanten van het moderne mens-zijn. Eenmaal bevrijd, kun je vervolgens je vrijgemaakte potenties transformeren in de richting van de aarde.

Om Bovenmens te worden, heeft de moderne mens nog een lange weg te gaan. Wij leven namelijk in het Antropoceen, het tijdperk waarin de mens tot de grootste en invloedrijkste kracht van alle krachten op aarde is uitgegroeid – de ‘Antropos’. De klimaatproblematiek maakt duidelijk dat onze omgang met de aarde toe is aan drastische veranderingen. De aarde is ziek en die ziekte heet de mens, constateert Nietzsche al. ‘Als de mens zich met zo’n grote invloed blijft uitbreiden en andere soorten daardoor verloren gaan, gaan we naar het einde van de habitat voor de mens. Het gaat allemaal heel erg snel: de klimaatproblematiek is amper vijftien jaar een thema en nu al over de hele wereld aan de orde. We denken het gemakkelijkst in crisisdenken, overlevingsstrategieën: “we moeten snel iets doen, anders gaan we verloren”. Die lijn roept veel angst, cynisme en fatalistische gevoelens op. Nietzsches lijn vind ik veel beter: laten we de aarde weer ontdekken als de bron van onze vitaliteit, en laten we dát als leidraad nemen voor een andere, nieuwe levensstijl.’

De klimaatproblematiek houdt Manschot zodanig in haar greep, dat Nietzsche hem er zelfs tot in zijn dromen mee achtervolgt. Hij wordt er echter niet blijvend door geplaagd. ‘De droom is niet blijvend in de zin dat hij alsmaar terugkomt. Wel blijf ik me afvragen hoe ik alles vertaal naar mijn eigen leven en filosofie – en dat zal ook niet meer veranderen.’
 

Terrasofie

Manschot noemt zijn nieuwe filosofie terrasofie, een oriëntatie die van de relatie van de mensen tot de aarde de kernvraag maakt voor het zelf-verstaan van de mens in de eenentwintigste eeuw. ‘Terrasofie is voor mij een startbegrip dat we verder moeten ontwikkelen. Twee elementen ervan komen voortdurend terug. Enerzijds zitten wij heel erg gevangen in het moderne paradigma van de mens.’ In de moderniteit is de mens tot een abstracte notie gemaakt, een figuur-zonder-lijf, en gedefinieerd met behulp van algemene begrippen als vrijheid en rede, vrije wil en autonomie. De moderne mens bevindt zich in een proces van ‘ont-aarden’, ziet Nietzsche. Manschot stelt dat de huidige ecologische crisis ons dwingt om opnieuw te gaan nadenken over de vraag waarin de waardigheid van de mens gelegen is. ‘Het moderne paradigma is echter zo in ons ingedaald, dat het een tijd vergt om ons daarvan los te maken.’

Als we ons distantiëren van het moderne paradigma, hebben we een nieuwe richting nodig. ‘Terrasofie behelst anderzijds de zoektocht naar een andere beleving van onszelf, ten opzichte van de natuur en de andere levende wezens op aarde. Zijn wij ertoe in staat om een ingrijpende verandering voor onszelf in ons zelf-verstaan door te maken?’ Manschot vindt inspiratie bij indigenous cultures, van wie de kennis en levenswijze niet los kunnen worden gezien van hun natuurlijke omgeving die daarin tot uitdrukking komt. Zij zien dieren en planten, bossen en meren als partners met wie ze allerlei betrekkingen onderhouden. ‘Indigenous cultures hebben zichzelf als vanzelfsprekend zo gesitueerd. Zij hebben zich eeuwenlang herhaald met hun omgeving – wij zijn dat kwijt. En het is helemaal niet de bedoeling dat wij naar hun idee terugkeren, maar zij kunnen ons inspireren om zelf een cultuur uit te vinden waarin we dichter bij de natuur staan, bij de dieren en de planten, bij de aarde als geheel.’
 

De plek op aarde

Manschot wijst op het belang van de relatie van een lokale gemeenschap tot haar ‘plek op de aarde’. Zijn uitgangspunt is dat elke gemeenschap haar eigen cultuur schept. Bijzonder is dat Manschot het cultiveren van een plek op aarde niet voorbehoudt aan diegenen die er al wonen. Cultiveren is toekomstgericht, en daarom kan iedereen eraan bijdragen. Nu wordt vaak verondersteld dat buitenstaanders zich juist moeten aanpassen aan de bestaande cultuur. ‘Nietzsche bespreekt met een ‘blik van boven’ hoe je kunt verhinderen dat het proces van cultiveren een nationalistische duiding krijgt. De plek die jij op aarde inneemt is een plek op aarde, die je met een blik vanuit de hoogte ziet als een plek te midden van andere plekken waar allerlei andere mensen zitten. Regionalisering is Nietzsches basisidee.

Nationalisme ontstaat als je die ‘bovenblik’ eraf knipt en zegt: “dit is mijn plek, dit is ons eigendom, en niemand mag hier komen”.
Ik zie in onze tijd van globalisering dat heel veel mensen teruggrijpen op het nationalisme, met name die mensen die niet delen in de winst van globalisering maar daar wél de prijs voor betalen – en dat zijn er toch wel veel. Wij hebben geen ecologische lijn ontwikkeld rond de plek op aarde waar we leven, maar áls die plek weer opkomt in de politiek, dan komt die terug als nationalistisch gedachtegoed – bij Wilders, bij Marine Le Pen, noem maar op. De lokale politiek als aandachtspunt moet zeker terug, anders gaat rechts ermee vandoor.

Niemand is eigenaar van een plek, maar je hebt wel allemaal een plek en een verantwoordelijkheid daarvoor – dát is waar het allemaal om gaat, ook gericht op de toekomst. En dat kun je heel goed mede gestalte geven als je van buiten komt. Je kunt dus wel degelijk een anti-xenofobe regionaliseringsfilosofie hebben. In het verlengde van de Europese cultuur kunnen we een lokale filosofie uitvinden die niet nationalistisch en xenofoob is, maar wél de mensen aanspreekt op de plek waar ze zijn.’
 

Een ecologische revolutie

Hoewel Manschot liever geen harde uitspraken doet over de toekomst, is hij ervan overtuigd dat de klimaatproblematiek niet meer weg te denken zal zijn. ‘Verkiezingen als die van Trump geven aan dat we van de ene op de andere dag volstrekt ergens anders zijn dan we dachten. Niettemin ben ik ervan overtuigd dat deze thematiek niet meer onderdrukt kan worden. Wie er ook aan de macht komt, hoe het ook gaat: de vragen zelf zullen steeds terugkomen. Ik denk dat Trump zijn eigen verzetsbeweging oproept. Dan kan er uit iets kwaads iets goeds voortkomen, zoals Augustinus al zei. Dat hoop ik, althans.

De krachten die van onderop komen, worden de komende tijd de belangrijkste. De bovenkant is namelijk zo verstrikt in geld, bezit en macht, dat ik daar niet veel van verwacht. Er moet een nieuwe revolutie komen, van onderaf.’ Een ecologische, welteverstaan. Lachend: ‘Jazeker. We hebben in de geschiedenis al een paar revoluties gehad, dus er kan er nog wel een bij.’

Welkom op filosofie.nl!

Speciaal voor nieuwe bezoekers selecteerden wij negen inspirerende artikelen. Lees waarom onderzoek naar geluk niet deugt, zes soorten vervreemding op de werkvloer, hoe Socrates de opkomst van Trump al voorspelde, en meer...

Lees meer
Ik lees graag later

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, dan sturen wij het kennismakingsdossier naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.