Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
28-08-2015

Zijn wij ons brein?

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

Jan Dirk Snel

Zijn wij ons brein? Nee, we zijn veel meer.  De Moravische filosoof en pedagoog Comenius streefde naar een verlichting van de menselijke geest. Daarvoor vond hij inspiratie in het zeventiende-eeuwse Amsterdam. Tijdens het symposium ‘De grootsheid van de geest’ keert u met Henk Woldring, emeritus hoogleraar filosofie en schrijver van het boek Jan Amos Comenius, terug naar het Amsterdam van Comenius’ tijd.

In zijn woning aan de Egelantiersgracht in de Jordaan werkte de geleerde zijn ideeën verder uit. Binnen een jaar verschenen de ruim duizend bladzijden van de Opera didactica omnia. Daarna ging Comenius verder met zijn grote pansofische project. Dé vraag voor de pedagoog is: wat moet je mensen leren? Comenius’ antwoord luidde: omnibus omnia omnino – je moet aan alle mensen alle dingen onderwijzen en wel geheel en al. Comenius was een voorstander van levenslang leren. Hij schreef ook een boek over de moederschoot als leerschool. En de school moest een kwestie van spelen zijn. Comenius was tegen stampwerk, waarbij kinderen dingen memoriseerden die ze niet begrepen. Hij maakte veelvuldig gebruik van plaatjes met daarbij teksten in de moedertaal – Tsjechisch, Duits, et cetera – en Latijn, zodat kinderen van de dingen naar de woorden konden gaan en omgekeerd. Het stripboek was het beste leerboek.

Vol overgave werkte hij aan de Consultatio Catholica oftewel Algemeen beraad over de verbetering der menselijke dingen. Pas in 1966 zou het werk in Praag volledig gepubliceerd worden, maar onderdelen verschenen wel tijdens zijn leven. Het bestaat uit zeven delen: (1) Panegersia, (2) Panaugia, (3) Pansophia, (4) Pampaedia, (5) Panglottia, (6) Panorthosia en (7) Pannuthesia. Zo klinkt dat behoorlijk afschrikwekkend. Maar het valt mee als we de termen vertalen. Dat ‘pan’ (alles) stond steeds voor het streven het geheel te omvatten – en daarmee dacht Comenius ook aan gerichtheid op God, die immers de volmaaktheid in zichzelf is.

Comenius begon met de oproep tot een universeel reveil. Wetenschap, kerk en staat moesten uit hun verdorvenheid opgericht worden. Dat was waar mensen naar verlangden. Vervolgens ging het om universele verlichting van het menselijk verstand, waarvoor God drie lichtbronnen schonk: de wereld als werkplaats van Gods eeuwige wijsheid, de menselijke geest en het Woord van God, de Heilige Schrift. De metafoor van het licht speelde een prominente rol in Comenius’ denken. De uiterlijke wereld en het innerlijk van de mens waren als macrokosmos en microkosmos op elkaar betrokken en vormden onderdeel van dezelfde harmonie. Zoals God in de zichtbare wereld eeuwig licht had geschapen, kon de mens ook over een innerlijk licht beschikken.
 

Verlichting

Terwijl gereformeerde theologen traditioneel twee kenbronnen hanteerden, de Heilige Schrift en het boek der natuur, voegde Comenius daar een derde aan toe: de menselijke geest. Vandaar ook dat Comenius grote belangstelling had voor profeten uit zijn Midden-Europese omgeving als Christoph Kotter, Christina Poniatowska en Nikolaus Drabík, en hun voorzeggingen optekende en publiceerde. God was volgens hem nooit opgehouden rechtstreeks tot mensen te spreken.

De wijze waarop wij het begrip Verlichting tegenwoordig gebruiken, als aanduiding voor een cultuurperiode die sterk vertrouwen stelde in de rede, zou Comenius veel te smal gevonden hebben, zoals al bleek uit zijn bedenkingen bij Descartes. Hij vond de menselijke rede een mooi ding, maar er was zoveel meer. Je moest uitgaan van de hele mens, ook van het menselijk gemoed, het gevoel, en vooral ook de zintuigen. En je kon niet bij analyse blijven staan. Ook niet bij synthese trouwens. Je moest bovenal de synkritische methode hanteren. Dat wilde zeggen dat je heel verschillende dingen of werkelijkheidsgebieden met elkaar vergeleek, zodat je tot dieper inzicht in de samenhang van de gehele werkelijkheid kon komen. Kortom, Comenius gebruikte ‘Verlichting’ nog in een veel bredere zin: die kwam wel van de rede, maar ook van de Heilige Geest en uit de natuur. En licht impliceerde ook altijd morele strijd tegen de duisternis.

Onder de eerste 100 aanmeldingen voor het symposium ‘De grootsheid van de geest’ verloot Filosofie Magazine 5 exemplaren van het boek Jan Amos Comenius geschreven door Henk Woldring. Tijdens het symposium voert de befaamde Amerikaanse schrijver, historicus en journalist Russell Shorto u terug naar het Amsterdam in de Gouden Eeuw. De eeuw waarin filosofen als Spinoza en Comenius hun gedachten over de veranderlijke en creatieve menselijke geest ontwikkelden. 
Wilt u toegang tot alle artikelen van filosofie.nl? Word dan lid.

Welkom op filosofie.nl!

Speciaal voor nieuwe bezoekers selecteerden wij negen inspirerende artikelen. Lees waarom onderzoek naar geluk niet deugt, zes soorten vervreemding op de werkvloer, hoe Socrates de opkomst van Trump al voorspelde, en meer...

Lees meer
Ik lees graag later

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, dan sturen wij het kennismakingsdossier naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.