Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
17-11-2014

Het landschap denkt mee

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

Jeroen Hopster
Journalist, essayist en docent

Hoe beïnvloedt het landschap het denken? Jeroen Hopster reisde door Nepal, op zoek naar aanpassingen aan een land dat scheefloopt.

Nederland en Nepal zijn buren in het landenalfabet, maar in andere opzichten liggen ze nogal ver uiteen. Nederland is plat, recht en strak. Nepal heeft bergen, bochten en gaten. In Nederland hebben honden een mand, koeien een wei en mensen een huis. In Nepal leven ze gezamenlijk op straat. Nederlanders maken langetermijnplanningen, Nepalezen volgen de weg. Ander landschap, andere mentaliteit?
 
Vorige maand reisde ik af naar Kathmandu om een trektocht te maken over het Annapurnagebergte. Vlak voor vertrek interviewde ik filosoof René ten Bos over zijn recent verschenen boek Water. ‘Het landschap laat ons denken’, vertelde Ten Bos in dat interview. ‘Sterker nog, het landschap denkt met ons mee.’ Die stelling nam ik mee op reis. Hoe denkt de bevolking, in een land dat scheefloopt?

De weg
Sinds enkele jaren geleden de koning werd afgezet is Nepal een federale republiek, maar het verkeer in Kathmandu vertoont nog trekken van wetteloosheid. In Nederland zijn er rijstroken, stoplichten, bekeuringen en asfalt. In Kathmandu: ezels, brommers, auto’s, driewielers en prachtig versierde autobussen, die zich zij aan zij een weg vooruit banen. Links rijden luidt het devies, maar indien er ruimte is op rechts werkt dat doorgaans ook. 


Straatbeeld van Kathmandu (foto: Folkert Hopster)

Drie jaar geleden bezocht ik Kathmandu voor het eerst, gefascineerd door deze chaos. Maar nog veel fascinerender, besefte ik ditmaal, is de orde die zich daarin voltrekt. De toeter fungeert als richtingaanwijzer, de kapotte deur biedt een uitstekende uitkijkpost voor een busboy, die laaghangende elektriciteitskabels in een oogwenk heeft opgehesen. En zowaar, de colonne beweegt zich voorwaarts. De chaos functioneert.
 
Eind jaren zeventig introduceerde de Amerikaanse psycholoog James Gibson de term affordances: de ‘gebruiksmogelijkheden’ die een object of omgeving verleent. Net zoals een stoel de mogelijkheid verschaft om te zitten en een pen om mee te schrijven, zo leent een rivier die de weg overstroomt zich als carwash, en kan een steil bergpad prima door een motor worden bereden. We kunnen het Nepalese verkeer begrijpen als stelsel van affordances: de gebruiksmogelijkheden zijn nauwelijks met vooruitziende blik gecreëerd, maar eenmaal daar worden ze optimaal benut.
 
Wat voor het verkeer geldt, geldt ook voor denkprocessen: die krijgen vorm in wisselwerking met de affordances die een omgeving verleent. Een land waar de stroom nooit uitvalt leent zich voor strakke agenda’s en detailplanningen. In Nepal ligt dat anders. Vooruitgang is pad-afhankelijk: wie ergens wil komen, gaat mee met de weg.

De sneeuwstorm
Met vijf Nederlandse tochtgenoten en een klein leger van Nepalese sherpa’s en dragers trek ik de Himalaya in. Onze voorgenomen missie: een trektocht over het Annapurnagebergte, via de bergdorpen Phu en Nar naar het prachtige Tilichomeer. Geen van deze doelen wordt bereikt. De nacht van veertien oktober houden wij kamp in het verlaten oord Kyang (3820 meter), wanneer het begint te sneeuwen. Ongebruikelijk voor deze tijd van het jaar. Dertig uur houdt de sneeuwval aan; passen raken ingesneeuwd, paden worden kapotgeslagen. Overdag vangen wij een groep Canadese trekkers  op, die zojuist onder een lawine zijn gekomen. De helft van hen heeft het niet overleefd. “She was just three meters behind me”, stamelt een Canadese vijftiger, die zijn vrouw zag worden weggevaagd door de sneeuw. 


Kampplaats in Kyang tijdens de Annapurnastorm (foto: Henk Beerman)

Wanneer wij twee dagen later gestaag afdalen naar de bewoonde wereld wordt de schaal van de ramp duidelijk. Tientallen toeristen en Nepalezen zijn verongelukt, er zingen zelfs getallen rond in de honderd. Ik probeer het exacte aantal te achterhalen, maar elke evacuatiepiloot, sherpa en local vertelt een ander verhaal. Er is geen internet, geen Associated Press. In een gebrekkig informatienetwerk kunnen geruchten goed gedijen.
 
De Nepalese autoriteiten handelen slagvaardig: meer dan vijfhonderd overlevenden worden met gratis helikoptervluchten geëvacueerd. De bewoners van het boeddhistische bergdorp Nar bezweren vier dagen lang de berggeesten. Maar zo groot als de schaal van de ramp lijkt, zo snel neemt de dagelijkse gang van zaken weer zijn beloop. Wat gebeurd is kan niet worden teruggedraaid, drukt een sherpa mij op het hart, wanneer ik hem blijf doorvragen naar het precieze dodental. “It has finished.”

Adaptatie
In het hooggebergte is het leven uitgekleed. Vóór al het andere komt de noodzaak om jezelf te voeden, te verwarmen, te schuilen en te overleven. De bergen zijn de baas, de mensen passen zich aan.

Die aanpassingen zijn terug te zien in het lichaam. Wetenschappers hebben ontdekt dat volkeren in het hooggebergte, zoals het sherpavolk, zich fysiologisch hebben aangepast  aan de zuurstofarme berglucht: op hoogte functioneert hun ademhaling en bloeddoorstroming beter dan bij de doorsnee laaglander. Het is het snelst bekende voorbeeld van fenotypische adaptatie in menselijke bevolkingsgroepen. 

Maar ook qua mentaliteit is de bevolking ingesteld op het ongewisse bergbestaan. ‘One miss, game finish’, staat in karakteristieke grammatica geschreven op de achterbak van Indische terreinwagens, die zich langs diepe ravijnen een weg omhoog banen. Eén misser en het is voorbij.
 

(foto: Folkert Hopster)

In het boeddhisme worden leed en verandering bezien als kenmerken van het bestaan, die maar beter kunnen worden aanvaard. De dingen blijven nu eenmaal niet hetzelfde, het leven gaat voort; wie zich daartegen verzet, die raakt gefrustreerd. Datzelfde geldt voor het bestaan van leed: wie daartegen in opstand komt, die komt in botsing met het bestaan zelf. Tegen existentiële feiten is geen verzet opgewassen.

Achtergrondnieuws
Terug in Kathmandu probeer ik het precieze dodental te achterhalen. In internationale media heeft zich een getal rond de veertig gekristalliseerd, aanzienlijk minder dan de geruchten in de bergen. Vermoedelijk is die inschatting te laag. Vermiste dragers en yakdrijvers kunnen anoniem blijven. 

In Nepalese kranten zoek ik tevergeefs naar meer volledige berichtgeving. Twee weken na dato is de sneeuwstorm alweer achtergrondnieuws; nu vullen verschillende autobusjes die het ravijn in zijn gestort de krantenpagina’s. Ook dat is de realiteit van Nepal, met zijn prachtige bergen en dito bevolking. De realiteit van een land dat scheefloopt.

Welkom op filosofie.nl!

Speciaal voor nieuwe bezoekers selecteerden wij negen inspirerende artikelen. Lees waarom onderzoek naar geluk niet deugt, zes soorten vervreemding op de werkvloer, hoe Socrates de opkomst van Trump al voorspelde, en meer...

Lees meer
Ik lees graag later

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, dan sturen wij het kennismakingsdossier naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.