Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
WP nr. 3/2011

Warm aanbevolen: Vrije wil

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

Fleur Jongepier

Tegenwoordig hebben leerlingen al op het vwo de mogelijkheid om eindexamen af te leggen in de filosofie. De afgelopen jaren stond bij dit eindexamen het thema ‘rede en religie’ centraal. Vanaf volgend jaar is er een nieuw thema: vrije wil. De vrije wil is een van de weinige filosofische thema’s die zich echt goed lenen voor vertaling naar het grote publiek. Er is weinig conceptuele analyse voor nodig om mensen te laten nadenken over de vrijheid die noodzakelijk is voor het maken van keuzes, over het principe dat men anders had kunnen handelen dan men in feite deed of over het idee dat alles eigenlijk al is vastgelegd in de natuurwetten, ons handelen meegeteld. Een eindexamenboek voor vwo-leerlingen is dus eigenlijk zo in elkaar gezet.

Niets is minder waar. Juist een onderwerp als de vrije wil is een bijzonder heikel thema, precies omdát het zich zo gemakkelijk leent voor vertaling naar de alledaagse praktijk. Tjeerd van de Laar en Sander Voerman laten zien hoe je het onderwerp van vrije wil laagdrempelig en begrijpelijk kunt benaderen zónder, en dit is cruciaal, de stap van conceptuele analyse over te slaan. Het resultaat is een breed en toegankelijk maar tegelijkertijd grondig overzicht van de filosofie van de vrije wil, dat een verademend contrast biedt met de grove claims zoals we die in het publieke debat te vaak tegenkomen.

De kracht van het boek zit hem vooral in het onderscheid dat de auteurs maken tussen drie concepties van vrije wil: vrije wil als voorwaarde voor verantwoordelijkheid, vrije wil als zelfverwerkelijking en vrije wil als bewuste aansturing. Dit driedelig onderscheid verheldert niet alleen het concept vrije wil, maar biedt bovendien de auteurs de ruimte om systematische vragen in een historisch-filosofisch kader te plaatsen. Zo vervlechten zij Descartes’ theorie over substantiedualisme in de discussie over de rol die het bewustzijn speelt in het hebben van vrije wil, en verwijzen ze doeltreffend naar een primaire tekst van John Stuart Mill wanneer ze het probleem van de authenticiteit van verlangens in het hoofdstuk over zelfverwerkelijking behandelen. De auteurs maken zo heel handig gebruik van de drie verschillende begrippen van vrije wil door aan elk begrip verschillende filosofische discussies te verbinden en daarbij op een samenhangende manier de klassieke werken te bespreken van Descartes, Mill, Hume en Kant, maar bijvoorbeeld ook van Nagel, Taylor, Sartre en zelfs J.J.C. Smart.

Methodisch gezien is de keuze om vrije wil vanuit drie verschillende perspectieven te benaderen – als voorwaarde voor verantwoordelijkheid, als zelfverwerkelijking en als bewuste aansturing – dus erg effectief. Toch kan men zich afvragen of de driedeling inhoudelijk gezien niet ook anders gemaakt had kunnen worden, en dan met name het hoofdstuk over vrije wil als zelfverwerkelijking. Is een handeling uit vrije wil, begrepen als een handeling waarin tot uitdrukking komt wat iemand zelf belangrijk vindt – kortom, de mogelijkheid tot zelfverwerkelijking – eigenlijk niet onderdeel van het begrip van vrije wil als voorwaarde voor morele verantwoordelijkheid? Hoewel het tweede hoofdstuk misschien wel het interessantst is, en het meest bevlogen geschreven, is het maar de vraag of noties als identiteit, karakter en zelfkennis echt te maken hebben met vrije wil als zodanig, of eerder met een bepaalde invulling van de voorwaarden voor morele verantwoordelijkheid. Horen deze onderwerpen daarom niet eigenlijk thuis in het eerste hoofdstuk? Bovendien is in vergelijking met de andere hoofdstukken het laatste hoofdstuk over bewuste aansturing – met onder andere de onderzoeken van Libet en de bespreking van het lichaam-geest-probleem – aanzienlijk korter dan de voorgaande hoofdstukken. Was er meer ruimte geweest voor theoretische vragen, dan hadden een analyse van (bewuste) intenties, mogelijke interpretaties van Libets onderzoek en bijvoorbeeld ook de wetenschapsfilosofische discussies over determinisme wellicht meer aandacht gekregen.

De nadruk die de auteurs leggen op morele en niet zozeer theoretische aspecten van vrije wil laat duidelijk zien dat zij ervoor gekozen hebben om de problematiek van de vrije wil te benaderen vanuit een praktisch filosofisch perspectief. In dat licht hebben de auteurs het verrassend goed voor elkaar gekregen een middenweg te vinden tussen het bespreken van de tamelijk ontoegankelijke begrippen omtrent vrije wil aan de ene kant en de tegenwoordig al te grote gemakzucht waarmee in het publieke debat over vrije wil wordt gesproken aan de andere kant. Door deze praktisch-filosofische invalshoek komt het accent daarbij logischerwijs eerder op ‘hogere’ noties (zoals verantwoordelijkheid en zelfidentiteit) te liggen, en niet zozeer op de discussies die misschien meer tot de verbeelding spreken (zoals het ‘puber-’of ‘homobrein’).

Het boek is eigenlijk veel meer dan een eindexamenboek, met name omdat het op dit moment een van de weinige daadwerkelijk toegankelijke overzichtswerken is van de filosofie van de vrije wil. Voor degenen die weinig bekend zijn met dat onderwerp is dit boek aan te raden door de heldere uitleg en de veelheid aan verwijzingen naar praktische voorbeelden (hoewel soms wat moeizaam toegespitst op de jongere generatie in termen van iPods en uitgaan). Bovendien worden de primaire teksten achter in het boek toegankelijk gemaakt door verwijzingen en citaten in de hoofdtekst, wat wederzijds verhelderend werkt. De gekozen selectie bevat niet alleen de verplichte kost uit Kants Kritiek van de Zuivere Rede en Hume’s Inquiry, maar laat ook zien dat vrije wil veel luchtiger benaderd kan worden, zoals blijkt uit een tekst van Dennett over de illusie van het Cartesiaanse Theater.

Het resultaat is een overzichtelijk en vooral samenhangend overzicht van de filosofie van de vrije wil. Ongetwijfeld vormt het boek een springplank voor verdere studie en reflectie. Gezien de grondigheid ervan doen de auteurs zich dan ook eigenlijk tekort door in de ‘Terugblik’ de mogelijkheid te laten deze studie ‘in het café’ voort te zetten. Dit boek bewijst zich gelukkig juist een contrast op het café denken over vrije wil.

Welkom op filosofie.nl!

Speciaal voor nieuwe bezoekers selecteerden wij negen inspirerende artikelen. Lees waarom onderzoek naar geluk niet deugt, zes soorten vervreemding op de werkvloer, hoe Socrates de opkomst van Trump al voorspelde, en meer...

Lees meer
Ik lees graag later

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, dan sturen wij het kennismakingsdossier naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.