Home Bas Haring: ‘Het kapitalisme is zo slecht nog niet’

Bas Haring: ‘Het kapitalisme is zo slecht nog niet’

Door Martijn Meijer op 22 augustus 2016

Bas Haring: ‘Het kapitalisme is zo slecht nog niet’
Cover van 09-2016
09-2016 Filosofie magazine Lees het magazine


Zijn studie naar de economie heeft Bas Haring veel geleerd over mens en moraal. ‘Praten over wat van waarde is, is vrijblijvend. Gedrag, zoals geld betalen, laat zien wat we werkelijk van waarde vinden.’

Lang heeft Bas Haring (1968) naïeve ideeën over economie gehad, vertelt hij in de tuin bij zijn huis in Ransdorp. ‘Op de middelbare school had ik een sticker met “Weg met het kapitalisme” op mijn agenda. Zonder dat ik toen precies begreep wat kapitalisme was. Als je er nog eens beter over nadenkt, moet je zulke oordelen nuanceren.’ Dat is dan ook wat Haring doet in zijn nieuwe boek, Waarom cola duurder is dan melk. Een filosoof over economische zaken onderzoek doen om erachter te komen hoe economie echt in elkaar steekt. Daarom heeft hij gedurende twee jaar colleges economie gevolgd in Amsterdam, Rotterdam en Londen, en tientallen boeken over het onderwerp gelezen.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Haring: ‘Ken je Proefkonijnen? [Hij is sinds 2013 panellid in dat televisieprogramma van BNN.] De twee presentatoren Dennis en Valerio stellen vragen en gaan dan zelf op onderzoek uit om ze te beantwoorden. Ik geef weleens les op middelbare scholen om een pleidooi te houden voor die houding. Als je nieuwsgierig bent en iets wilt weten, kom dan in beweging en ga het uitzoeken. Dat doe ik zelf dus ook.
Een andere reden dat ik me in economie ben gaan verdiepen, is dat er door leken een heleboel onzin verkondigd wordt. Er wordt geoordeeld op basis van een onderbuikgevoel. De een zegt dat marktwerking een ramp is, de ander dat het een zegen is. Of wat ik ook vaak heb gehoord: we zijn rijk door de armoede van anderen. Maar is dat wel echt zo? Dat blijkt dan een stuk genuanceerder te liggen als je het goed uitzoekt.’

Zakelijker

In het boek, dat uit zijn studie voortkwam, beantwoordt Haring in 29 hoofdstukken alle vragen over economie die bij hem opkwamen. Door voorbeelden uit het dagelijks leven te kiezen en heldere taal te gebruiken, weet hij de belangrijkste economische principes inzichtelijk te maken. Ironisch merkt Haring op dat hij er niet aardiger op is geworden sinds hij zich in economie heeft verdiept: zijn blik is zakelijker en rationeler geworden.

‘Economen wordt vaak verweten dat ze de waarde van alles in geld uitdrukken’, zegt Haring. ‘Maar het is juist handig om waarde te expliciteren in een geldbedrag, want zo kun je het belang van het ene ding vergelijken met het andere.’ Maar er zijn toch zaken in het leven die niet gekwantificeerd kunnen worden? ‘Er is eens een enquête geweest onder biologen over de waarde van natuur. Een van de vragen was: vindt u het terecht dat we de waarde van natuurgebieden uitdrukken in economische termen? Nee, was mijn eerste reactie. Maar als de vraag was geweest of we de waarde van de Waddenzee mogen vergelijken met andere belangrijke zaken, zoals voedsel, had ik ja gezegd. Terwijl die tweede vraag feitelijk dezelfde is als de eerste. Een prijskaartje dat aan de Waddenzee hangt is niets meer dan een manier om uit te drukken hoe belangrijk dat natuurgebied is ten opzichte van andere zaken. Als het om waarde gaat willen economen boter bij de vis. Praten over wat van waarde is, is mooi, maar ook vrijblijvend. Gedrag, zoals geld betalen, laat zien wat we werkelijk van waarde vinden.’

Crisis

Haring neemt het in zijn boek wel vaker op voor economen. Het vak heeft een slechte naam gekregen sinds de crisis van 2008 omdat economen die niet hadden voorspeld, maar dat is niet terecht, vindt hij. ‘We nemen het meteorologen toch ook niet kwalijk dat ze het weer over een maand niet kunnen voorspellen? En in feite bestuderen economen iets wat nog ingewikkelder is dan wat meteorologen bestuderen, omdat het object van hun studie ook reageert op de voorspellingen. Bovendien moeten economen met minder data werken dan meteorologen.’
Hij heeft zijn boek ook niet geschreven om economen te bekritiseren, zegt Haring. ‘Ik vond het vooral interessant om me in het vakgebied te verdiepen, om te begrijpen wat die economen nou precies denken. Er valt best wel wat op ze aan te merken, maar ze zijn echt niet dom.
De critici van de vrijemarkteconomie zeggen dat het over een compleet andere boeg moet, dat alle concepten uit de economie, zoals rente en geld, overboord moeten. Ze hebben natuurlijk de beste bedoelingen, maar de alternatieve oplossingen die ze bedenken, lijken vaak op wat er al is. Ik was eens op een bijeenkomst met allemaal kunstenaars om te praten over alternatieve economieën. Toen stelde een van hen voor om een wereld te maken waarin we geen geld gebruiken, want geld, zo was zijn idee, is de bron van alle kwaad. Het idee ontstond van een marktplaats waarin dingen gratis gegund worden, maar dan wel aan de mensen die deze dingen het leukst vinden. We bedachten dat we dan wel een systeem van likes nodig hadden, zoals op Facebook. Je zet een fiets op de site, gratis af te halen voor degene die er de meeste likes voor geeft, maar dan moeten die likes wel gerantsoeneerd worden, anders geeft iedereen oneindig veel likes. Die likes zouden dan vervolgens gaan naar degene die de fiets aanbiedt, zodat hij ze later zelf kan gebruiken. Leuk idee, dachten we. Tot we ons realiseerden dat die likes gewoon hetzelfde functioneren als geld.’