Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
22-11-2016

Als je zelf een vluchteling was, hoe zou jij dan behandeld willen worden?

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

René Haerkens van den Brand

Shakespeare laat ons invoelen hoe het is om zelf vluchteling te zijn, vertellen actrice en Shakespeare-kenner Anne Boeschoten en dramaturg en filosoof Wout van Tongeren, sprekers op De verhalenvertellers. Boeschoten zal een beroemde speech over de vreemdeling van de Engelse toneeldichter voordragen: ‘De tekst raakt zodanig aan de actualiteit, dat het verwonderlijk is dat het stuk niet al veel eerder onder onze aandacht is gebracht.’
 
Wat maakt de speech van Shakespeare zo bijzonder?
Van Tongeren: ‘De monoloog benoemt problemen die ook spelen in onze tijd. Er is sprake van een grote toestroom van vreemdelingen die willen delen in de welvaart. Onder burgers heerst daarover onvrede. Hun opstand kun je vergelijken met een inspreekavond van het gemeentehuis waar de aanwezigen niemand laten uitpraten, maar dan nog gewelddadiger. De sfeer is rellerig: de burgers staan op het punt om huizen in de fik te zetten.’
Boeschoten: ‘De monoloog, afkomstig uit het toneelstuk Sir Thomas More, springt er echt uit. Dat komt omdat deze tekst met een sterke retoriek is geschreven. Halverwege het betoog klapt Shakespeare het verhaal om. Thomas More wil de opstand tot bedaren brengen. Hij schetst eerst in welke situatie de vluchtelingen zitten. Vervolgens laat hij zijn toehoorders zich invoelen hoe het is om zélf vluchtelingen te zijn – en dat maakt het zo veel sterker.’
Van Tongeren: ‘More spreekt de menigte indringend toe. ‘Stel nou dat jullie straks worden opgepakt en de koning besluit om jullie het land uit te zetten, dan ben je zelf opeens vluchteling. Hoe zou jij dan behandeld willen worden?’ More laat niet alleen het boze volk zich inleven, maar indirect ook ons – de mensen op de tribune. Het is niet goed om de vluchtelingen te lijf te gaan: we moeten juist barmhartig zijn! Dat maakt deze speech zo belangrijk: de oproep om jezelf te verplaatsen in de ander.’
Boeschoten: ‘In het huidige debat is dat heel relevant. De vluchtelingenstromen zijn behoorlijk abstract voor ons op televisie, op dezelfde manier als we vroeger vaak arme, Afrikaanse kinderen op tv zagen. De situatie staat ver van ons rijke westerlingen af. Wij vinden er wel wat van – we vinden het heel verdrietig –, maar wij kunnen bijvoorbeeld niet voelen hoe het is voor de mensen die op dit moment uit Aleppo weg moeten omdat de situatie daar onhoudbaar is, juist omdat het gebeuren zo ver weg is. Daar biedt deze monoloog inzicht in. De tekst raakt zodanig aan de actualiteit over de vluchtelingencrisis, dat het verwonderlijk is dat het stuk niet al veel eerder onder onze aandacht is gebracht.’
 
Welke invloed heeft de heersende censuur van die tijd op het stuk gehad?
Van Tongeren: ‘Wij zijn nogal snel geneigd om te denken dat er meteen sprake is van een inperking van het denken als iets niet benoemd mag worden. In die zin is elke beperking die je oplegt aan wat gezegd mag worden een beperking van het denken, van een vrijheid. Sir Thomas More is duidelijk beschadigd. De censor heeft alles geschrapt wat opruiend zou kunnen zijn en er zijn lappen tekst in het stuk geplakt om het acceptabeler te maken voor de autoriteiten, waardoor het een gehavend, raar product geworden. Tegelijkertijd geldt voor de speech dat de tweede versie – Shakespeare’s versie – waarschijnlijk veel sterker is dan het origineel. Shakespeare’s tekst is in zekere zin een product van de censuur. Censuur heeft dus ook een heel andere kant: zij kan een prikkel zijn om gedachten beter te verwoorden, een prikkel om verfijnder, subtieler, indirecter te zijn, en daardoor uiteindelijk misschien juist nog veel invloedrijker.’
Van Tongeren noemt Thomas More’s eigen werk Utopia als een duidelijk voorbeeld. ‘Utopia heeft een versleutelde vorm: More roept een man op om een fictief reisverhaal te vertellen. Dankzij de constructie van fictie kan More zijn maatschappijkritiek op acceptabele wijze uiten. En juist door deze vorm spreekt Utopia ook latere generaties nog aan. Als More een directe kritiek had geschreven en precies had gezegd wat hij wilde zeggen over het Engeland van zijn tijd, dan zou zijn werk nu zeer waarschijnlijk niet dezelfde bekendheid genieten.’
 
Waarin schuilt precies de kracht van verhalen?
Van Tongeren: ‘Nog wel het meeste in de oproep om jezelf te verplaatsen in anderen. Dat heeft namelijk tot gevolg dat je begrip krijgt voor anderen, dat je leert omgaan met het feit dat er altijd meerdere perspectieven zijn. Door je te verplaatsen in anderen leer je relativeren, leer je de waarheid niet als een gegeven te zien, maar als iets wat nog te ontdekken is. Dat gebeurt er als we luisteren naar verhalen en onszelf daardoor laten bekoren.’
Boeschoten: ‘De enige manier om mensen te veranderen is om verhalen te vertellen. Dankzij verhalen – fantasierijk, biografisch, feitelijk – komen mensen tot nieuwe inzichten. Verhalen vertellen is iets magisch wat bij mensen reflectie aanwakkert op hun eigen leven en op alles wat ze om zich heen zien. Ik luisterde vroeger heel geboeid naar de verhalen van mijn opa en oma over de Tweede Wereldoorlog. Daardoor kreeg ik er een persoonlijk beeld bij, en dat werkt veel beter dan dat je erover leest in een geschiedenisboek. Doordat je de persoonlijke verhalen hoort, zie je het effect van de geschiedenis op het leven zelf.’

Welkom op filosofie.nl!

Speciaal voor nieuwe bezoekers selecteerden wij negen inspirerende artikelen. Lees waarom onderzoek naar geluk niet deugt, zes soorten vervreemding op de werkvloer, hoe Socrates de opkomst van Trump al voorspelde, en meer...

Lees meer
Ik lees graag later

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, dan sturen wij het kennismakingsdossier naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.