Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
07-03-2018

Waarom we constant denken dat ons leven epischer zou moeten zijn

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

Simon Gusman
filosoof, redacteur

Kan ons leven niet wat intenser, epischer, noemenswaardiger, kortom: avontuurlijker? Het is een knagende twijfel die ons allemaal weleens overvalt, maar die gebasseerd is op een illusie: avonturen bestaan namelijk niet. 

Wie een avontuur beleeft, breekt met het alledaagse bestaan, maakt een serie uitzonderlijke gebeurtenissen mee, wordt daarmee ook zelf een uitzonderlijk persoon, beleeft een glorieuze triomf of een ontroerend falen, en keert uiteindelijk terug naar de alledaagsheid. Die alledaagsheid zal na het avontuur nooit meer hetzelfde zijn, maar wordt aan het einde van de rit als het ware ‘geladen’ met het avontuur. Een dorp is niet langer een doodnormaal gehucht, maar een gehucht waarin iets is gebeurd. Een mislukte liefde is geen willekeurige episode in je leven, maar een fase waar je doorheen moest om uiteindelijk de ware te vinden. De geschiedenis van een land is geen contingente samenloop van omstandigheden, maar een epische lotsbestemming die zich gestaag ontvouwt.

Binnen een avontuur bestaan er geen triviale gebeurtenissen. Elk object en elke handeling heeft een zinvolle plek binnen het plot. Alles is een betekenisvolle component van een overkoepelend verhaal, en elk onderdeel van dat verhaal verwijst impliciet of expliciet al naar een climax en afloop die alles op zijn plek zal doen vallen.



In eerste instantie was het avontuur een aangelegenheid voor mythische strijders en een kleine elite van ridders. Natuurlijk kon iedereen in die tijden al fantaseren over avonturen, net zoals iedereen bepaalde elementen uit avonturenverhalen (als lessen) kon projecteren op het eigen bestaan. Het was echter niet realistisch om te verwachten dat ook jouw bestaan avontuurlijk zou zijn, dat de wereld ook aan jou avonturen verschuldigd was. Avontuur kon nog niet de norm zijn.

Een eeuwenlang proces heeft daar echter verandering in gebracht. Het avontuur verspreidde zich gestaag naar het bestaan van kooplieden, huurlingen en uiteindelijk doodnormale burgers. Een avontuur hoeft niet langer altijd gewelddadige strijd te betreffen, maar kan ook draaien om liefde, materieel gewin, politiek verzet, het verloop van een vriendschap of zelfs een vakantie. We zagen zelfs hoe avontuur kan bestaan zonder dat er avontuurlijke gebeurtenissen in de wereld plaatsvinden (het innerlijke avontuur van psychologische ontwikkeling) en hoe er avonturen beleefd kunnen worden zonder dat er avonturiers zijn (het ‘burgerlijke’ temmen van de woeste wereld door de rationele mens à la Robinson Crusoe).

Het netto resultaat van deze ontwikkeling is dat ieder individu tegenwoordig de ‘realistische’ verwachting kan koesteren dat ook zijn of haar leven, zelfs elk individueel aspect ervan, avontuurlijk gemaakt kan worden, of zelfs hoort te zijn. Het idee is dat elk aspect van ons bestaan ook in een avontuurlijke ‘toonsoort’ gespeeld kan worden, waarbij een avontuurlijke baan altijd beter is dan een normale baan en een avontuurlijke relatie altijd te verkiezen valt boven een normale relatie. Die gedachte of dat geloof is inmiddels tot in de kleinste poriën van ons dagelijks leven doorgedrongen.

We zijn bijvoorbeeld op het punt beland dat zelfs de dagelijkse scheerbeurt aan het avontuur moet geloven. Reclames tonen nooit een scheermes terwijl een voice-over zegt: ‘Dit is ons nieuwe scheermes. Het scheert net iets gladder dan ons vorige scheermes. Het wordt ook iets minder snel bot. Aanrader!’ Natuurlijk niet. Je ziet een badkamer met kobaltblauwe tegels en chromen kranen die suggestief glanzen in perfect licht. Een knappe, halfnaakte man komt in beeld en epische muziek zwelt aan. De goedlachse spierbundel kijkt in de spiegel, wrijft over zijn stoppelbaard en trekt het schalkse gezicht van James Bond die een vrouw verleidt. Cut naar een close-up waarin het nieuwe scheermes in slow motion ronddraait en fonkelt alsof het Excalibur is. Operazang mengt zich met de muziek, en de ruige basstem die ook de trailers voor actiefilms siert, steekt van wal. Dit scheermes, zo rommelt de stem, is revolutionair. Het heeft power, het is next generation, het heeft 26 mesjes die waarschijnlijk door adembenemende fotomodellen met laserapparatuur uit meteorieten zijn gesneden. Cut terug naar de badkamer. De man trekt het scheermes langzaam over zijn perfect vierkante kaaklijn. Het mes decimeert de stoppels in precies dezelfde slow motion en close-up die de film 300 gebruikt voor scènes waarin de Spartanen hun vijanden in de pan hakken. Tot slot verzekert de ruige stem ons dat dit het beste is wat een man kan krijgen, terwijl een van de voornoemde fotomodellen de badkamer binnenkomt en haar armen om de torso van de man drapeert.



De democratisering en individualisering van het avontuur zorgen voor het bijna universele geloof dat avonturen bestaan. Wie gelooft dat avonturen bestaan, is ervan overtuigd dat er een soort succesformule is die het leven (of individuele aspecten daarvan) naar een hoger plan kan tillen en intenser kan maken. Het is het geloof dat ook jouw liefdes, vriendschappen en loopbaan beter zouden zijn als ze het stramien van een film of boek zouden volgen. Deze overtuiging zorgt voor de knagende twijfel die ons soms overvalt ten aanzien van onze relaties, woonsituatie, baan, sociale leven of persoonlijke stijl. Kan dat allemaal niet intenser, epischer, noemenswaardiger, kortom: avontuurlijker? Er hoeft niet eens iets mis te zijn met je alledaagse bestaan. Alles kan best prima gaan, maar toch heb je vaak het vermoeden dat je de kansen die de wereld biedt op de één of andere manier niet optimaal benut.
 

De drang naar betekenis

Avonturen moeten bestaan, want waar avontuur ontbreekt, ligt betekenisloosheid op de loer. Als er geen avontuur bestaat, is het mogelijk dat ziekte, verdriet en pijn soms geen rol van betekenis spelen in de totstandkoming van een betere toekomst. Je mislukte relaties zijn dan misschien geen stappen in een overkoepelend verhaal dat eindigt met ware liefde. Voor hetzelfde geld was je ook bij de ware uitgekomen zonder al dat gedoe. Je moet dan leven met het pijnlijke besef dat je mislukkingen niets meer waren dan mislukkingen. Zonder avonturen zijn alle gruwelijke dingen in de wereld niet slechts een avontuurlijk ‘dal’ waar we ons collectief doorheen knokken, maar gewoon verschrikkingen die op geen enkele manier gelegitimeerd worden door een groter verhaal. Je kunt dan de belabberde stages, tijdelijke contracten en ‘werkervaringsplekken’ die nu het begin van je werkende leven definiëren niet meer dragelijker maken met het idee dat het allemaal tot een betere toekomst zal leiden. Anders gezegd: de wereld is slechts goed op voorwaarde dat er avonturen bestaan. De grote aantrekkingskracht van avonturen is dat ze de trivialiteit uit het bestaan elimineren.

De drang naar avontuur is niet los te koppelen van de drang naar een intens leven. De logica van die hang naar intensiteit is uitstekend geanalyseerd in La vie intense, een recent boek van de Franse filosoof Tristan Garcia. Waar Garcia met name de aandacht op wil vestigen is dat er niet meer te ontsnappen valt aan de intensiteit en avontuurlijkheid: ze zijn samen een universele norm geworden. Er bestaat geen ‘niet-intense’ tegenhanger meer voor de intensiteit. Denk eens terug aan Robinson Crusoe. Ondanks het feit dat hij er bewust voor kiest om geen avonturier te zijn, is zijn leven nog steeds één groot avontuur. Vergelijk dit nu eens met de manier waarop allerlei manieren van rust en passiviteit (yoga, mindfulness, een leven zonder smartphone, thuisblijven in plaats van uitgaan in het weekend, afzien van de carrièregerichte ratrace op werk) gepresenteerd worden in inspirerende reclames en glossy tijdschriften. Zelfs die activiteiten zijn verworden tot intense avonturen.



Het is een ironische paradox: in een wereld waarin avontuur de norm is, is ontsnappen aan avontuur nog steeds een avontuur. De thematiek van de twee werelden komt op losse schroeven te staan. Denk maar aan festivals, die zich presenteren als een wereld op zich. We breken met het alledaagse bestaan om op een afgesloten terrein intense ervaringen te beleven. Er zijn tegenwoordig echter zoveel festivals dat we er elke week wel een kunnen bezoeken. Ontsnappen aan het alledaagse leven is deel van dat leven geworden.

Hetzelfde doen we op sociale media. Elke foto of video die we op Facebook of Instagram zetten, is het verslag van een klein avontuur, van iets noemenswaardigs dat de (positieve of negatieve) spanning en intensiteit van ons leven naar vrienden en (on)bekenden communiceert. Tegelijk is elke foto of video ook een moment in een groter avontuur: de reeks van posts die als geheel een representatie moet zijn van het totale avontuur dat ons leven is. Ook hier voedt het kleine avontuur het overkoepelende avontuur, en andersom voedt het grote avontuur als een context het kleine avontuur: elke afzonderlijke post wordt nóg avontuurlijker doordat hij deel uitmaakt van een serie posts die allemaal een jaloersmakende intensiteit van leven uitstralen. Elk bericht infecteert het volgende bericht met nog meer avontuurlijkheid. Zo bouwen we avonturen met onze avonturen.



Avontuur is niet los te koppelen van de esthetisering van avontuur. Een avontuur moet verteld worden om te zorgen dat het niet in het niets verdwijnt, en wie vertelt, esthetiseert. ‘Pics or it didn’t happen’, zoals we sinds het bestaan van sociale media zeggen. De Italiaanse filosoof Giorgio Agamben stelt dat elke poging om het beleven en navertellen van een avontuur te scheiden gedoemd is om te falen:


'Het gaat dus niet om de verbinding tussen gebeurtenissen en verhaal, tussen feiten en woorden, maar om hun samenvallen in het avontuur. En er zijn niet twee verschillende dingen: avontuur-gebeurtenis en avontuur-verhaal, waarbij dat tweede waar is als het nauwgezet het eerste reproduceert en onwaar als het dat niet doet. Avontuur en waarheid kunnen we niet uit elkaar houden, want de waarheid gebeurt en het avontuur is niet anders dan het gebeuren van de waarheid.'

Denkers als Jean-Paul Sartre en Georg Simmel ontmaskeren het avontuur: onze levens spelen zich niet af volgens een vooraf geschreven verhaal. Dat betekent echter niet dat er zonder avonturendenken geen levensverhalen bestaan. Ons levensverhaal is voor een groot deel wie we zijn. Filosofen noemen dit narratieve identiteit: wie je bent voor zover je gestalte krijgt door verhalen. Maar als ons leven geen plot heeft, wat blijft er dan over van onze narratieve identiteit? Kortom: hoe moeten we ons levensverhaal zien als de avontuurlijke doelmatigheid komt te vervallen? 

Dit is een fragment uit het boek Avonturen bestaan niet van Simon Gusman en Arjen Kleinherenbrink (Boom Filosofie)

Welkom op filosofie.nl!

Speciaal voor nieuwe bezoekers selecteerden wij negen inspirerende artikelen. Lees waarom onderzoek naar geluk niet deugt, zes soorten vervreemding op de werkvloer, hoe Socrates de opkomst van Trump al voorspelde, en meer...

Lees meer
Ik lees graag later

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, dan sturen wij het kennismakingsdossier naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.